Il bacio di Giuda heeft een ontstaansgeschiedenis van ruim een decennium. Nadat Benvenuti in 1976 het boek L’opera del tradimento van Mario Brelich had gelezen, ontwikkelde het filmproject zich door de jaren heen als nauwgezette studie van zowel de canonieke als apocriefe evangelies. Benvenuti wilde nieuw licht werpen op de Judasfiguur door twijfels te plaatsen bij het clichébeeld van de verrader. Met respect voor de woorden van de evangelies laat Il bacio di Giuda een andere Judas zien, iemand die in feite de belangrijkste handlanger van Christus was bij het ondergaan van diens lot van dood en verrijzenis. In de film is deze prikkelende stelling vormgegeven met behulp van een fascinerende en minutieuze beeldtaal. Benvenuti voert Il bacio di Giuda in feite op als een soort populaire versie van de mysteriespelen en stelt zijn beelden daarom samen als adembenemende tableaux vivants, die beïnvloed zijn door de gouden eeuw van de Italiaanse religieuze schilderkunst, van Giotto tot Caravaggio. Door Christus te presenteren als metahistorische figuur gebruikt Benvenuti zijn film ook als theoretisch antwoord op Rossellini’s benadering van het aanvaarden van de evangelies als feitelijke kronieken voor zijn Messias (1975). Sinds de première op het festival van Venetië in 1988 is dit bijzondere meesterwerk haast onzichtbaar geweest.