Sirène de Tropiques

  • 100'
  • Frankrijk
  • 1927
Nadat zij tweemaal als danseres in de Folies-Bergères was gefilmd, speelde Josephine Baker in La sirène des tropiques haar enige filmhoofdrol. Ze speelt de rol van de mulattin Papitoe, die zich ontfermt over de Franse ingenieur André die naar West-Indië is gestuurd door een rivaal die hem daar spoorloos wil laten verdwijnen. Papitoe redt André en wordt door hem meegenomen naar Parijs, waar zij furore maakt als revue-ster.Het op zichzelf niet al te opmerkelijke liefdesdrama wordt door de aanwezigheid van Josephine Baker tot een sensatie gemaakt. Haar energieke beweeglijkheid lijkt het hele beeld te vullen en vooral in het tweede deel van de film is zij de absolute ster. Bij uitbreng in 1927 was de pers het dan ook eens: 'De grootste reclame is natuurlijk dat Josephine Baker in deze film speelt. 't Is nu eenmaal een eisch, dat men haar moet hebben gezien.' Mario Nalpas, een van de regisseurs van de film, was regie-assistent van de jonge Luis Buñuel.In opdracht van het Filmmuseum maakten Wim van Tuyl en Yvo Verschoor een nieuwe score voor de film, waarbij ze gebruik maakten van het muziekarchief van het Filmmuseum, waarin zich een groot aantal zogeheten incidentals bevindt: muziekfragmenten die een bepaalde atmosfeer weergeven. De score voor de film is opgebouwd uit dit soort incidentals, waarvan Wim van Tuyl een pianobewerking maakte, aangevuld met opnamen van originele muziek van Josephine Baker.
Filmmakers
Henri Etiévant, Mario Nalpas
Productieland
Frankrijk
Productiejaar
1927
Festivaleditie
IFFR 1999
Lengte
100'
Medium/Formaat
35mm
Internationale titel
Papitoe, de Sirene der Tropen
Producent
Centrale Cinématographique