Nicolas Cage is The Surfer in deze heerlijke, prettig gestoorde film over een ambitieuze familieman die ervan droomt het huis aan het strand te bezitten waar hij opgroeide (en waar hij leerde surfen). De lokale territoriale surfsekte laat de droom op gewelddadige wijze uiteenspatten.
“You can’t stop a wave, it’s pure energy… you either surf it, or it wipes you out.” De openingswoorden van The Surfer worden door het verder naamloze titelpersonage uitgesproken tegen zijn tienerzoon. Ze zouden net zo goed gezegd kunnen worden tegen kijkers van Lorcan Finnegans buitengewoon vermakelijke film, een wilde, onvoorspelbare psychologische thriller met het onweerstaanbare momentum van een brekende golf.
The Surfer speelt zich af op het prachtige witte zand aan de zuidoostkust van Australië. Deze paradijselijke parabel draait om een hardwerkende vader (Nicolas Cage) die enorme offers bracht om genoeg geld te sparen om zijn ouderlijk huis aan het strand te kunnen kopen. Wanneer hij zijn zoon meeneemt om het toekomstige huis te bekijken, wordt het tweetal geconfronteerd met misdadigers die volhouden dat het strand “alleen voor locals” is. Al snel blijkt dat het gebied is overgenomen door een gewelddadige surfsekte onder leiding van de kwaadaardige Scally (Julian McMahon), een rijke zakenman die een giftige mannelijke ideologie predikt terwijl hij drugsfeesten en gewelddadige ontgroeningsrituelen organiseert. Wanneer Cage zijn recht op het strand weigert op te geven, wordt hij meegezogen in de waanzin van de sekte, met steeds gestoordere gevolgen. Een heerlijk ontspoorde B-film en een must voor Cage-liefhebbers.