Een geïmproviseerde speelfilm met sterk documentaire aspecten die zich naadloos voegt in het uitvoerige oeuvre van Jean Rouch. Madame l’eau werd gemaakt in samenwerking met een drietal Nigerianen waar Rouch al een reeks van jaren mee samenwerkt. Philo Bregstein (co-scenarist): ‘Het unieke van de films die Rouch samen met zijn Afrikaanse vrienden Damouré Zika, Lam Ibrahima Dia en Tallou Mouzourane maakte, zoals Jaguar en Cocorico monsieur Poulet, was dat Rouch het spel, de opnamestijl, het filmritme en de montage in grote mate liet bepalen door zijn Afrikaanse vrienden’.Madame l’eau gaat over een aantal Nigeriaanse boeren (de acteurs zijn Damouré, Lam en Tallou, die min of meer zichzelf spelen), die een eenvoudige en goedkope manier zoeken om hun landbouwgronden te irrigeren. Hun droom: Niger wordt groen. Ze komen op het idee een windmolen uit Nederland te halen. Zo binden ze op eigen wijze de strijd aan tegen de toenemende ‘verwoestijning’ in het Sahelland. Rouch volgt met zijn camera, die hij net als bij zijn andere films zelf bedient, de drie mannen bij hun onderzoek naar het gebruik van windenergie in de Hollandse polders.Rouch: ‘De oplossing die we zoeken is misschien erg naïef en simpel, maar het kan wel werken. Dat is de moraal van de film’. De film heeft een onmiskenbaar ironische toon, maar de inzet van Rouch is serieus. Hij verzet zich tegen de tendens om bij ontwikkelingsprojecten in derde wereldlanden naar te dure en te ingewikkelde oplossingen te zoeken die niet aansluiten bij de behoeften van de plaatselijke bevolking.