Een hedendaagse variant op de Orpheus-mythe waarin de mythe nu eens niet alleen metafoor is: de protagonisten dalen daadwerkelijk af in het dodenrijk en zij halen hun geliefde terug naar de wereld van de levenden.Schmidt, een legendarisch low-budget filmer, maakte de film niet alleen met een bescheiden budget maar draaide hem bovendien voornamelijk in zijn eigen huis in Port Townsend. Hij werkte met niet-professionele acteurs, en was vooral op zoek naar mensen die zichzelf konden spelen. Hij wilde de omstandigheden optimaal benutten en veel ruimte laten voor improvisaties. Schmidt: ‘If it rains, shoot in the rain. If an actor leaves, use some-one else. Have your eyes open, and pick up on the gifts that occur’. Om de kosten te drukken gebruikte hij ook een bijzondere opnametechniek: tijdens het filmen riep Schmidt op bepaalde momenten ‘freeze’, zijn acteurs moesten dan exact op hun plaats blijven staan tot de camera van standpunt was veranderd. Hierdoor was Schmidt in staat met één camera een gecompliceerde decoupage te maken en toch snel te werken.Hoofdpersoon in de film is Fay, die met haar vijfjarige dochter weggevlucht is van haar man en haar intrek heeft genomen in een klein kustplaatsje. Ze leeft geïsoleerd, alleenmet haar kind, en met de angst dat haar man haar zal vinden. Ze wordt misleid door de vriend van haar zus, haar man komt haar inderdaad op het spoor en ze verliest het kind; de onoplettendheid van een babysitter leidt tot de dood van haar dochtertje. Het kind heeft tijdens haar leven gedroomd dat een klein Indianenmeisje voor haar verscheen. Als dat Indianenmeisje verschijnt in de droom van Fay lijkt het onvoorstelbare mogelijk.