El chergui, ou le silence violent
El Chergui is de naam van de oostenwind in het gebied Tanger. Bij de Aït Ndhir-stammen in het Midden-Atlas gebergte zegt men van een vrouw die lijdt onder de daden van haar man en die aan hem een hekel heeft: “de wind staat slecht voor haar”.
Die vrouw is in El Chergui ou le silence voilent Aicha; zij heeft, op aanraden van haar omgeving (allemaal vrouwen) haar toevlucht genomen tot de traditionele magie om haar man te verhinderen een tweede, veel jongere vrouw te nemen. Haar man is de vertegenwoordiger van de oude waarden van Marokko, met behalve hem en Aicha personages als de jonge werkeloze en zijn vriendin (een prostituee, ook maitresse van de man van Aicha), de boeren en de dokwerkers: Brahim, de enige zoon van Aicha, vertegenwoordigt de toekomst.
Die toekomst in El Chergui zijn de jaren na de periode 1954-1956, waarin het verhaal zich afspeelt. Het waren de laatste jaren van het koloniale bewind over marokko, Uitgeoefend door Frankrijk en Spanje. Op 2 maart 1956 werd Marokko onafhankelijk. Dat klinkt ook door in in El Chergui ou le silence violent: stakingen, gesloten winkels, opstandige dokwerkers die het proletariaat vertegenwoordigen, en de vrouwen en kinderen die ‘s-avonds voor hun huizen zitten in afwachting van de verschijning van de koning die iedere avond weer het symbool is van de opstand, de Spaanse troepen schieten in de lucht om de massa in bedwang te houden. Dat gebeurt in de film en dat gebeurde in Tanger in die jaren: de stad nam een speciale positie in, terwijl het zuiden een protectoraat van Frankrijk was en het noorden onder Spaans bewind stond was Tanger (ook in het noorden gelegen) een Internationale Zone, onder controle van acht Europese landen. De Spaanse, Engelse en Franse gemenschappen waren in Tanger het sterkst vertegenwoordigd.
Interview:
Smihi: “Tanger is een stad die Zeer representatief is voor de koloniale situatie in Marokko. De stad vertegenwoordigt een mediterraan Noord-Afrika: het is het Andalusische Marokko in tegenstelling tot het Marokko van de Sahara en van Afrika in het zuidelijke deel. Maar ik heb geprobeerd een aantal elementen daaraan toe te voegen die van Tanger een mikrokosmos van het hele land maken. De geluidsband laat berber-liederen uit de Rif en de Atlas horen; de slaaf die op het strand zingt is een Gnaoui, dat is de zwarte bevolking van marokko die afkomstig is uit Guinee. Dan hoort men Andalusische muziek. En ook verschillende radiostations, Spaanse, Franse, en ook Radio Cairo, die de oproepen uitzond tot opstand tegen de bezetter in alle Arabische landen. Al die elementen vormen zo het gezicht van de Marokkaanse maatschappij, een afwisselende maatschappij, die doortrokken is van verschillende culturele stromingen: Arabisch, Berbers, Andalusisch, Saharaans, dat alles weer bijeengebracht door de Islam en uiteindelijk, op een bepaald moment in de geschiedenis, door het koloniale avontuur.”
Film details
- Productieland
- Marokko
- Jaar
- 1975
- Festivaleditie
- IFFR 1976
- Lengte
- 90'
- Medium/Formaat
- 35mm
- Taal
- Frans
- Première status
- -
- Regisseur
- Moumen Smihi
- Producent
- Mohamed Torres, Mohamed Tazi
- Scenario
- Moumen Smihi