Picture Palestine

Nat Muller

Wie aan Palestina denkt, denkt vaak aan oorlogsbeelden, gemilitariseerde checkpoints, de Israëlische scheidingsmuur, stenengooiende jongeren en overvolle vluchtelingenkampen. Hoewel dit hoort bij een bepaald deel van Palestina – naast bijvoorbeeld het leven in ballingschap in de uitgestrekte Palestijnse diaspora, of het moeilijke bestaan van Palestijnen die tevens Israëlisch staatsburger zijn – blijft veel van Palestina grotendeels onzichtbaar. Er bestaat een Palestina van dromen, verlangen, schoonheid en plezier, zelfs tegen de dreigende achtergrond van de Israëlische militaire bezetting en decennia van onteigeningen. Picture Palestine verbloemt de harde en onprettige werkelijkheid niet, maar biedt een grote hoeveelheid perspectieven op Palestina met de stemmen van Palestijnse filmmakers. In die stemmen weerklinkt hoop, vreugde, woede en frustratie, maar vooral en ondanks alles, veerkracht en een weigering om onzichtbaar gemaakt te worden.

Een strijd voor zichtbaarheid

Te midden van snelle sociale media en onophoudelijke nieuwscycli is dit misschien een goed moment om stil te staan bij de historische achtergronden van de Palestijnse situatie. In 2017 is het tenslotte honderd jaar geleden dat de Balfour-verklaring werd uitgevaardigd, waarin de Britse overheid de vestiging van een nationale thuisbasis voor Joodse mensen in Palestina ondersteunde. Het is ook zeventig jaar na de nakba (Arabisch voor ‘catastrofe’) waarbij tussen 1947 en 1949 bijna 700.000 Palestijnen ontheemd raakten, veel van hun dorpen werden verwoest en, in 1948, de staat Israël werd gesticht. Tot slot is het dit jaar vijftig jaar geleden dat de Arabisch-Israëlische oorlog van 1967 plaatsvond, waarin Israël grote gebieden van historisch Palestina bezette in Jordanië en Egypte (waaronder Oost-Jeruzalem, de Westoever en de Gazastrook) en in Syrië (de Golanhoogten). Deze historische gebeurtenissen hebben de nog altijd doorwerkende geografische en politieke breuklijnen in het Israëlisch-Palestijnse conflict bepaald.

In deze context blijven collectieve en individuele herinneringen van Palestijnen ondervertegenwoordigd, net als hun historische aanwezigheid en verhaal. Het gebrek aan historische en visuele vertegenwoordiging komt vooral doordat de Palestijnse beleving, tot op zekere hoogte, buiten de geschiedenis staat en daardoor vatbaar is voor omissies en geheugenverlies. Het is dan ook niet verrassend dat de eerste pogingen van de Palestijnse cinema eind jaren zestig en zeventig, van onder andere de in 1968 door de PLO opgerichte Palestinian Film Unit, gericht waren op het terugeisen van hun eigen beeld. Reem Shillehs montage van militante films uit die periode, Perpetual Recurrences, toont indringend aan hoe de strijd voor een eigen staat en zelfbeschikking ook in sterke mate een strijd voor zichtbaarheid is.

Tussen getuigenissen en fantasie

Een beroemd citaat van de Franse filmregisseur Jean-Luc Godard uit de film Notre musique is: “De Joden werden het onderwerp van fictiefilms, de Palestijnen van documentaires.“1 In Palestijnse films ligt inderdaad de nadruk op getuigenissen en het beschrijven van gebeurtenissen, ook in narratieve en experimentele fictiefilms. Het culturele trauma van de nakba, verdrijving en het voortdurende verlies van Palestijns grondgebied worden bedekt of openlijk in Palestijnse films verwerkt. Met name de verstoring van het dagelijkse leven en de inperking van fysieke en andere vormen van bewegingsvrijheid door middel van een systeem van checkpoints, vergunningen, uitzettingen en beperkingen zijn daar duidelijke voorbeelden van. Kamal Aljafari’s Port of Memory bijvoorbeeld is een poëtisch document over de herinnering aan de stad Jaffa die niet meer bestaat. Het probleem van het creëren van een beeld dat continu dreigt te verdwijnen, zowel in fictiefilms als in documentaires, vormt de kern van de Palestijnse cinema. Het verklaart ook de grote zorgen van filmmakers over ideologische en logistieke uitdagingen op het gebied van beeldproductie en filmmaken in en rond Palestina. Dit wordt op indrukwekkende wijze zichtbaar gemaakt in Annemarie Jacirs Like Twenty Impossibles en, speelser, in Hany Abu-Assads A Boy, a Wall and a Donkey. Kan het rijk van de fantasie nog worden bewoond als de visuele weergave wordt bedreigd? De futuristische en bespiegelende korte films van Larissa Sansour, Mirna Bamieh, en Ruanne Abu Rahme en Basel Abbas bewijzen dat dat wel degelijk kan. Fantasie wordt zelfs een manier om je te ontworstelen aan standaardverhalen en clichématige verwachtingen.

Breken met stereotypen

De films in Picture Palestine maken de rollen die Palestijnen meestal worden toegekend - die van slachtoffer of terrorist - gecompliceerder. Dit komt duidelijk naar voren in Elia Suleimans en Jayce Salloums klassieker Introduction to the End of an Argument en wordt nog eens benadrukt door een groot aantal antihelden, onwaarschijnlijke fabulanten, verraders, brutale jongens en hartstochtelijke muzikanten. Gezamenlijk scheren ze langs het grijze gebied tussen opstandigheid en rechteloosheid, veroorzaakt door hun geopolitieke werkelijkheid.

In een tijd van wereldomvattende onzekerheden en tegenstellingen, die worden versterkt in een Palestina waar de kans op een tweestatenoplossing steeds kleiner lijkt te worden, herinnert Picture Palestine ons aan het verloop van de geschiedenis en de kwetsbaarheid van vrijheid.

  • Picture Palestine
  • Picture Palestine