CKV The Guilty: voor de docent

Op deze pagina vindt u informatie over International Film Festival Rotterdam, de schoolvoorstelling die u gaat bezoeken en achtergrondinformatie bij de geselecteerde films. Het lesmateriaal bestaat uit een gedeelte dat voorafgaand aan het festivalbezoek gebruikt kan worden: vragen die u met uw leerlingen kunt gebruiken in de voorbespreking en een opdracht. Ook is er een gedeelte dat gebruikt kan worden na afloop van het festivalbezoek, hier vindt u vragen voor de nabespreking en een opdracht. Voor uw leerlingen is er een aparte pagina samengesteld met weetjes, achtergrondinformatie en opdrachten. Het lesmateriaal sluit aan bij kerndoelen 48, 49, 50, 51, 52 voor het voortgezet onderwijs.   

Het festival

Dit jaar organiseert International Film Festival Rotterdam (IFFR) het festival voor de 47ste keer. Wat ooit in 1972 begon als festival in slechts twee zaaltjes is nu uitgegroeid tot een van de belangrijkste en grootste culturele evenementen in Nederland. Ook in het buitenland wordt IFFR hoog gewaardeerd, als festival dat zich richt op onafhankelijke en artistieke filmproducties uit alle windstreken. De eerste de beste Hollywood films zul je op IFFR niet tegenkomen, maar juist bijzondere films worden vertoond die daarna misschien nooit meer te zien zijn. De kunstzinnige films en haar makers staan tijdens IFFR in de schijnwerpers. Maar het publiek speelt ook een rol, zo kunnen zij tijdens de honderden zaalgesprekken in discussie gaan met de aanwezige filmmakers, acteurs en/of producenten. IFFR ziet het als een belangrijkste taak om jongeren, van de allerkleinsten tot jongvolwassenen, in aanraking te laten komen met het brede spectrum van de filmcultuur. IFFR biedt om deze reden al jaren een educatief programma aan, door middel van filmvoorstellingen, workshops, jongerenjury, colleges, masterclasses en debatten. Met succes, want afgelopen trokken de educatieve activiteiten meer dan 12.000 bezoekers.

Alles over IFFR

Programma

Voor het vak CKV heeft IFFR de film The guilty geselecteerd. Een presentator loodst u en uw leerlingen door het programma en stelt de leerlingen voor en na de film vragen. Als de filmmaker van de film aanwezig is, kunnen uw leerlingen in gesprek met de maker.

Gedrag in de bioscoop

Een film bekijken in een grote bioscoopzaal is natuurlijk heel anders dan thuis of in de klas. Om het voor alle leerlingen een leuke en bijzondere ervaring te laten zijn, vragen we u uw leerlingen voor te bereiden op het filmbezoek. Laat de leerlingen bedenken welk gedrag ze storend vinden tijdens het kijken naar een film. Maak naar aanleiding van de onderwerpen die ze aandragen enkele concrete afspraken, zoals: geen telefoons, geen voeten op de stoelen en niet hardop praten tijdens de voorstelling. Spreek ook met de andere docenten en begeleiders af hoe jullie tijdens de voorstelling gaan ingrijpen als leerlingen zich niet aan de spelregels houden en welke consequenties hieraan verbonden zijn. Wanneer leerlingen zich na ingrijpen door de begeleiders nog steeds niet aan de spelregels houden, kunnen zij door IFFR personeel verzocht worden de zaal te verlaten.

Het verhaal

Een meldkamer, ergens in Denemarken. Politieofficier Asger Holm neemt vanavond de binnenkomende 112-telefoontjes aan. Zijn dienst zit er bijna op. Hij doet dit werk niet dagelijks, zo blijkt al gauw; in afwachting van een rechtszaak is hij er tot zijn chagrijn toe veroordeeld. Met hoorbare desinteresse handelt hij de meldingen af, totdat hij wordt gebeld door Iben. De jonge vrouw is in paniek. Ze wordt gekidnapt.

De thriller The Guilty staat in een goede traditie van films die zijn opgebouwd rondom een of meerdere telefoongesprekken, maar het is de vraag of een daarvan ooit zo zenuwslopend spannend was als het speelfilmdebuut van Gustav Möller, dat zich in real-time afspeelt. Een paar acteurs, één ruimte, een uitgekiend scenario: Möller springt slim en efficiënt om met schaarse middelen. Asger Holm (Jakob Cedergren) is een man die snel conclusies trekt en daar ook naar handelt. Maar of dat zo verstandig is? Genomineerd voor de VPRO Big Screen Award.

Titel: The guilty
Regie: Gustav Möller
Land: Denemarken
Lengte: 85'

Thriller
De film is een thriller, maar niet in reguliere vorm. In The Guilty zijn geen actiescènes te zien en er is geen confrontatie met de ‘bad guy”. Wel word je als kijker constant op het verkeerde been gezet en moet je samen met de hoofdpersoon erachter zien te komen wat er aan de hand is met de vrouw die naar de alarmcentrale heeft gebeld. De spanning wordt knap opgebouwd door goede dialogen die steeds meer prijsgeven van de gebeurtenissen aan de andere kant van de lijn maar waardoor je ook steeds iets meer te weten komt van de hoofdpersoon. Bij sommige thrillers weet je als kijker meer dan de hoofdpersoon maar bij The Guilty wordt alleen de informatie met de kijker gedeeld die de hoofdpersoon op dat moment ook krijgt. Hierdoor moet je als kijker echt mee op zoek naar de waarheid.

Opdracht vooraf: perspectief

Duur: 60 minuten
Nodig: telefoon om foto’s te maken, voorbeelden van verschillende soorten shots.

De film speelt zich in één ruimte af maar maakt wel gebruik van verschillende camerastandpunten om spanning te creëren. Hoe zouden de leerlingen shots inzetten bij het maken van een film? Laat leerlingen in groepjes van 3 á 4 in één ruimte foto’s maken. Door middel van de foto’s moet een verhaal verteld worden en uiteindelijk maken de leerlingen een fotostrip met maximaal 8 foto’s. Leg leerlingen eerst iets uit over verschillende soorten shots in films en de functie ervan. Om duidelijk te maken waar iets zich afspeelt gebruik je een long shot, om mensen en hun gebaren te laten zien gebruik je een medium shot, of de nadruk op iets te leggen ( bv. emotie) gebruik je een close-up. Stimuleer leerlingen om hierin af te wisselen in de foto’s die zij maken. Door het goed kiezen van shots kunnen ze spelen met de verwachtingen en het begrip van de kijker en sturen hoe goed mensen het verhaal snappen. Laat de leerlingen beginnen met het schrijven van een kort verhaal dat zich afspeelt in een ruimte met een verrassend einde en bedenk welke foto’s nodig zijn om dit verhaal te vertellen. Laat ze hierna de foto’s maken en bundelen in foto strips van maximaal 8 foto’s. Bespreek vervolgens de foto strips gezamenlijk en vraag aan andere leerlingen of zij het verhaal begrijpen.

Voorbespreking

Duur: 30 minuten
Nodig: digibord, internet, lesmateriaal voor de leerlingen

Neem kort klassikaal door waar de film over gaat, wat voor soort film het is, uit welk land de film komt en bekijk de trailer.

  • Wat is International Film Festival Rotterdam? Wie is er weleens geweest? Of op een ander filmfestival?

  • Wat is een filmfestival precies? (groot aantal films, premières, eenmalige vertoningen, regisseurs en acteurs op bezoek of rode loper, te winnen awards, andere activiteiten, persaandacht)

  • Kent er iemand andere filmfestivals? (Berlijn, Cannes, Venetië, maar ook Nederlands Film Festival en IDFA in eigen land) wat maakt dat van Rotterdam onderscheidend? (nadruk op niet-commerciële cinema, op film als kunstwerk)

  • De film is een thriller, wat verwacht je hierbij? Wat vinden jullie absoluut noodzakelijk voor een goede thriller? Klinkt de beschrijving volgens jullie als een thriller?

  • De film speelt zich af in één ruimte en de tijd die voorbijgaat in de film komt overeen met de tijd die in de echte wereld voorbij gaat. Ken je meer films of series die dit doen?

  • Een groot deel van de acteurs is niet in beeld te zien maar alleen te horen via telefoongesprekken, wat vindt je van deze vorm? Denk je dat het moeilijk is om de aandacht van de kijker vast te houden als je niet ziet wie iets zegt maar het alleen hoort?

Nabespreking

Duur: 25 minuten

De nabespreking staat in het teken van verwerking en reflectie. Hieronder vindt u een aantal voorbeeldvragen voor een groepsgesprek over de films.

  • Wat vonden jullie van het bezoek aan het festival?

  • Denk je dat je later nog eens IFFR gaat bezoeken?

  • Wat vond je ervan om film in de bioscoop te bekijken?

  • Was het spel van de acteurs geloofwaardig? Wat vond je van de acteurs die je alleen hoorde en niet zag? Kon je emoties horen in de stemmen?

  • Hoe zag de film eruit, wat was de filmstijl?

  • Wat vond je het meest bijzondere aspect aan de film? (regie, montage, acteerwerk, muziek, verhaal, camera)

  • Vonden jullie de film een thriller? Zaten de noodzakelijke elementen (die je hebt besproken in de voorbespreking) erin? Als er iets miste, wat was dat dan en vonden jullie het dan nog steeds een thriller of zou je de film als een ander genre bestempelen?

  • Wat vond je van het einde van de film? Was het onverwacht, of zag je dit juist aankomen?  

  • Wat denk je dat er met Asger gaat gebeuren? Wat heeft hij de volgende dag voor afspraak? Is het verhaal wat hij vertelt aan Iben waar? Hoe is zijn thuissituatie op dit moment? Weet iedereen in zijn omgeving daar al van?

  • Dit is de eerste lange film van de maker Gustav Möller, vind je de film goed gelukt? Vind je het knap dat dit zijn debuut is? Hoe origineel vind je de film?

  • Vond je het goed werken dat de film zich op één plek afspeelde en de tijd in de film gelijk liep met de werkelijke tijd? Of zat er te weinig spanning in?

  • Denken jullie dat het moeilijk is om alleen met je stem te acteren? Of om alleen te reageren op wat je via een telefoon te horen krijgt? Of is het moeilijker om met een tegenspeler te acteren?

Opdracht achteraf: Dialogen schrijven en opnemen

Duur: 45 minuten
Nodig: pen, papier, telefoons voor opname dialogen, lesmateriaal voor de leerlingen

De kracht van deze film zit in de sterke dialogen die je alles laten weten wat er nodig is om het verhaal te begrijpen en die je aandacht weten vast te houden. Doordat je als kijker stukje voor stukje dingen te weten komt over de situatie aan de andere kant van de lijn blijft de film boeien.

Laat de leerlingen nu zelf in duo’s een dialoog te schrijven voor een telefoongesprek met een alarmcentrale. De leerlingen moeten ervoor zorgen dat naarmate het gesprek vordert, er steeds meer duidelijk wordt over de situatie aan de andere kant van de lijn. Laat ze beginnen met het bedenken van een situatie waar je naartoe wilt schrijven. Waarvoor belt iemand naar de alarmcentrale? Dit kan van alles zijn waarbij hulp nodig is, van een kat in een boom, iemand die door het ijs is gezakt, tot een brand of een ontvoering.

Laat ze nu een dialoog schrijven tussen de beller en de telefoonbeantwoorder en stimuleer de leerlingen om pas aan het einde van het gesprek voor de luisteraar duidelijk te maken wat er precies aan de hand is. Hoe houden ze de dialoog spannend en interessant om naar te luisteren? Geef de leerlingen de opdracht om als de tekst af is, de dialoog op te nemen met hun telefoon en aan anderen te laten horen. Hoelang duurde het voordat zij erachter waren wat er aan de hand is en hoe zou je die spanning nog beter vast kunnen houden?