Interviews

Corneliu Porumboiu over The Whistlers

Een misdaaddrama met in de hoofdrol een foute agent en een femme fatale? Klinkt als een schimmige film noir, maar niets is minder waar: de Roemeense filmmaker Corneliu Porumboiu filmde The Whistlers op het zonovergoten La Gomera, een klein Canarisch eiland waar de bewoners in een geheime fluittaal met elkaar communiceren.

Die fluittaal, het Silbo, zou een prachtige scenario-uitvinding voor een film zijn, ware het niet dat het écht bestaat. Wanneer hoorde je voor het eerst van de taal?
"Dat was per toeval, in een Frans tv-programma tien jaar geleden. Het Silbo komt alleen voor op het kleine Canarische eiland La Gomera, dat maar 20.000 inwoners telt. Informatie vergaren kostte tijd: het enige boek erover was in het Spaans en moest ik dus laten vertalen."

"Het gekke is dat hoewel déze taal typisch is voor La Gomera, er over de hele wereld wel zo'n twintig plekken zijn waar men ook een fluittaal heeft. Er is een dorpje in Turkije, in Griekenland, en in Frankrijk het dorpje Aas, in de Pyreneeën. Al die plekken hebben als gemene deler het ruige landschap."

"Of ik het Silbo zelf kan fluiten? Nee. Ik heb het even geprobeerd, in een klasje met mijn acteurs, maar daar moest ik mee stoppen omdat ik te druk was met alle voorbereidingen voor de draaiperiode. Maar het principe snap ik. Als ik een beetje oefen, dan zou er iets uit moeten komen."

The Whistlers is een ingenieuze misdaadthriller die barst van de geheimen. Moet je een crimineel genie zijn om de plot na te kunnen vertellen?
"Nee, maar misschien moet je 'm wel twee keer zien. Of drie keer, nog beter! Zelf heb ik de film ontelbare keren gezien: ik zat zeven maanden in de montagekamer. In die fase heb ik een halfuur aan materiaal eruit gehaald. Scènes die de film explicieter hadden gemaakt, maar het ritme eruit haalden."

"Tegelijkertijd komt het de film alleen maar ten goede als je als kijker in het middenstuk de draad een beetje kwijtraakt. Die verwarring is bewust. Voor de hoofdpersoon wordt het fluiten een manier om in alle chaos te communiceren. De taal is ook de reden van de flashbackstructuur die ik gebruik. Had ik The Whistlers chronologisch verteld, dan was de fluittaal pas halverwege geïntroduceerd. Het gaat over een man die het Silbo nodig heeft om iets slechts uit te halen."

"Sowieso is The Whistlers een film over mensen die veel te verbergen hebben. Neem Gilda – een naam die het personage weer ontleent aan andere films die ze gezien heeft. Ze speelt een rol, ook voor de politie en de gangsters. Als je een film maakt over mensen die elkaar belazeren, die continu liegen en bedriegen, dan kom je al snel op het terrein van de klassieke film noirs: The Big SleepThe Maltese Falcon en Double Indentity. Maar het begon allemaal met taal."

In het verhaal wordt het Silbo gebruikt als communicatiemiddel tussen criminelen, die zo voorkomen dat de politie hen afluistert. Je komt zelf uit Roemenië. Zou zo’n geheime taal niet handig zijn geweest ten tijde van het communistische regime?
"Sterker nog, in Roemenië hádden we als kinderen in ons dorpje een geheime taal. Daarin verplaatsten we de laatste lettergreep van elk woord naar het begin. Een wel erg makkelijk te kraken code, denk ik nu, haha!"

"Ik wilde daarnaast in The Whistlers ook spelen met het concept van de camera: niet alleen als een instrument dat het verhaal vertelt, maar als een observatiemiddel. Want daarvoor gebruiken we camera's meer en meer in het dagelijks leven. We doen het ook zelf: we geven ons bloot op Facebook en YouTube."

Als Preview-film is The Whistlers een voorproefje voor IFFR. Hoe belangrijk zijn filmfestivals voor een filmmaker als jij?
"In Roemenië is de film al uit. Daar deed The Whistlers het goed: hij trok een groter publiek dan mijn vorige films. Toch bevindt mijn grootste publiek zich over de grens. Na de revolutie sloten in mijn land alle communistische theaters de deuren en werden die omgebouwd tot pizzeria's en discotheken. Door de politieke en maatschappelijke situatie is cinema naar de periferie geduwd.Qua filmbezoek scoort Roemenië het laagst van heel Europa."

"Voor mij als Roemeen zijn filmfestivals daarom dé manier om een groot publiek te bereiken. Mijn soort films moeten het van mond-tot-mondreclame en recensies hebben. Wij hebben geen filmsterren en ook niet het budget om een film in de markt te zetten. Uiteindelijk is dat ook niet mijn taak. Wat ik doe is verhalen vertellen.” Lachend: “Ik schrijf en ik regisseer, en dát vind ik bij tijd en wijle al wat veel van het goede."

Photo in header: Corneliu Porumboiu (IFFR 2014)