Verhalen

30 jaar films steunen

Voormalig IFFR-directeur Sandra den Hamer en de huidige HBF-manager Fay Breeman bespreken de impact van drie decennia films financieren van onverschrokken makers van over de hele wereld.

Het begon allemaal in 1988, aan het ontbijt in Cannes. Huub Bals, toen directeur van IFFR, en toekomstig directeur Sandra den Hamer hoorden de Chinese filmmaker Chen Kaige uit over een vervolg op zijn avontuurlijke debuut Yellow Earth (1984). Kaige was inderdaad bezig met een nieuw script in New York, vertelde hij. Maar hij moest overleven door Amerikaanse huisvrouwen les te geven in met stokjes eten.

Bals vond het vreselijk: een filmmaker heeft tijd en ruimte nodig om een script te schrijven. Er ging een lichtje bij hem branden. “Huub vroeg hoeveel Chen nodig zou hebben om tijdens het schrijven te kunnen leven in New York”, herinnert Den Hamer zich. “Ik geloof dat hij een bedrag van $25.000 noemde. Huub wendde zich tot mij en zei: ‘Goed, laten we het regelen’.” Daar ontstond het idee van Bals voor een fonds. “Dit was halverwege de jaren ’80: er was veel productiegeld, maar geen geld voor de scriptschrijver.

Nog twee factoren speelden een cruciale rol in de ontwikkeling van het fonds. IFFR wilde zich ook buiten de tien dagen dat het festival duurt verbinden aan de geselecteerde films.  Daarnaast kwam Bals tot het besef dat juist de minder ontwikkelde filmindustrieën buiten de Verenigde Staten en Europa de sleutel in handen hadden tot de artistieke toekomst van cinema. Daar was het geld nodig, redeneerde hij.

Hoewel in de eerste jaargang van het nieuwe IFFR-fonds, toen nog het Tarkovsky-fonds geheten, Europese filmmakers ook nog werden gesteund, werd de focus al gauw verlegd naar de rest van de wereld. Met gelden verkregen van het ministerie van Buitenlandse Zaken ging het fonds zich exclusief richten op opkomende filmculturen. In 1988 overleed Huub Bals, en het ontluikende fonds werd in 1989 naar hem vernoemd.

Internationale aantrekkingskracht

“Al snel besloten we dat we projecten wilden steunen aan het prille begin of aan het einde, tijdens de postproductie – om een productie op gang te helpen of te voltooien”, vertelt Den Hamer. Zo is het min of meer gebleven de afgelopen dertig jaar. “In de daaropvolgende jaren legden we ons model uit aan andere internationale festivals en hun ministeries van buitenlandse zaken: hoe film een belangrijk instrument kan zijn bij ontwikkelingssamenwerking. En hoe, als filmmakers de kans krijgen hun verhaal te vertellen, het een vorm van emancipatie wordt.”

“Als ik de namen zie van regisseurs van wie we vroeg werk gesteund hebben, zoals Apichatpong Weerasethakul, wiens debuutfilm Mysterious Object at Noon (IFFR 2014) we hebben gesteund in de scriptfase en bij de afwerking, ben ik erg trots. Hij zal bevestigen dat IFFR erg belangrijk geweest is voor zijn carrière. En iemand als Carlos Reygadas, die als piepjonge regisseur naar het festivalkwam, kreeg ook hulp van zijn vrienden van het HBF en is zijn illustere loopbaan hier begonnen.”

De huidige HBF-manager Fay Breeman vult aan: “Ik sprak Muayad Alayan onlangs, regisseur van The Reports on Sarah and Saleem, die in 2018 op IFFR draaide. Hij zei dat hij als student naar de website van het HBF keek en zichzelf als doel stelde ook zulke films te gaan maken. Het is duidelijk dat hij dat doel ook bereikt heeft (HBF scriptontwikkeling 2016; Alayan won de HBF Publieksprijs IFFR 2018 – red.). Daarnaast doceert hij film in Palestina. Hij vertelde me dat al zijn studenten weten wat het Hubert Bals Fonds is en waar het voor staat. Dat is een indicatie van de internationale aantrekkingskracht en het bereik van het fonds, en een reden waarom zoveel internationale filmmakers bij ons aankloppen.”

Topjaar voor films met HBF-steun

Breeman kijkt met trots terug op het topjaar 2018, waarin talloze prijzen naar door het HBF gesteunde films gingen op grote internationale festivals – films die dit jaar te zien zijn op IFFR. Bijvoorbeeld de Singaporese Yeo Siew Hua’s hedendaagse film noir A Land Imagined (HBF scriptontwikkeling), die de Gouden Luipaard won in de internationale competitie in het Zwitserse Locarno. Eveneens in Locarno werd de Chileense Dominga Sotomayor uitgeroepen tot beste regisseur voor haar derde speelfilm Tarde para morir joven (HBF scriptontwikkeling).

Rojo van Benjamín Naishtat ging in première op het internationaal filmfestival van Toronto voordat het drie belangrijke prijzen in de wacht sleepte in San Sebastian (beste regisseur, beste acteur en beste camerawerk). De film ontving steun van het HBF voor scriptontwikkeling en ook geld van NFF+HBF, een samenwerking tussen het Nederlands Filmfonds en HBF. Ondertussen won de in Frankrijk geboren Syrische filmmaker Soudade Kaadan de Leeuw voor de Toekomst in Venetië met haar debuutfilm The Day I Lost My Shadow (HBF+Europe, voor Europese co-producties). “2018 was een heel bijzonder jaar voor door het HBF gesteunde films,” sluit Breeman af.

30 Years HBF on IFFR Unleashed

To celebrate 30 Years of HBF, you can find a selection of over 40 HBF-supported films on IFFR Unleashed. From When Mother Comes Home for Christmas, shown at IFFR 1995, we travel through a wide variety of films, including three Tiger Award winners, De jueves a domingo (Dominga Sotomayor), Vanishing Point (Jakrawal Nilthamrong) and Videophilia (and Other Vital Syndromes) (Juan Daniel F. Molero), and audience favourite Los decentes (Lukas Valenta Rinner). Check out the whole collection here.