Het begon met de moord op zeven generaals in Jakarta op 12 oktober 1965. Soeharto's regering schreef die moorden toe aan communistische rebellen, waarop een golf aan arrestaties en executies volgde. De cijfers over het aantal slachtoffers van de massamoorden lopen uiteen van een half tot twee miljoen.
Ook dichter Ibrahim Kadir, afkomstig uit het opstandige Atjeh, zou communistisch activist zijn en belandde 28 dagen in de gevangenis.
In A Poet, waarin Kadir zichzelf speelt, geeft filmmaker Nugroho een herinterpretatie van de massamoorden, van 'de wonden van de geschiedenis'. Grotendeels onschuldige gevangenen, verbonden door helse omstandigheden en dreigende executies, bepalen het ritme van de film door tezamen met Kadir didong-poëzie te zingen. Veel van de acteurs maakten de tragedie zelf mee. Vrijwel direct na het aftreden van Soeharto, werden de zuiveringen uit de jaren zestig een onderwerp in Indonesische films. Amper twee jaar na diens aftreden verscheen A Poet.

Originele titel
Puisi tak terkuburkan
Filmmaker
Garin Nugroho
Productieland(en)
Indonesië
Productiejaar
2000
Medium/Formaat
Betacam Digi
Lengte
90’
Taal
Indonesisch, Gayo
Producent
Garin Nugroho
Productiebedrijf
SET Film Workshop
Sales
SET Film Workshop
Scenario
Garin Nugroho, Nana Mulyana
Camera
Winaldha E. Melalatoa
Editor
Rahmat Tepe
Production Design
Tonny Trimarsanto
Sound Design
Yuni Kusnadi
Muziek
Tony Prabowo
Cast
Ibrahim Kadir, Berliana Fibrianti