Op 16 maart 1988, vijf dagen voor een van de belangrijkste Koerdische feestdagen (Newruz), bombardeerden Iraakse vliegtuigen de Koerdische stad Halabja met mosterdgas, zenuwgas en cyanide. Binnen enkele minuten stierven vijfduizend mannen, vrouwen en kinderen door verstikking of verbranding. Ondanks de omvang van de slachtpartij bleven de internationale reacties terughoudend en werden er geen zware sancties of represailles tegen het Iraakse regime ingesteld.Jiyan speelt tegen de achtergrond van deze gebeurtenissen. Vijf jaar na de aanval keert de Koerdische Amerikaan Diyari terug naar zijn geboorteland. Hij wil in Halabja een weeshuis opbouwen. Langzaamaan leert hij de bevolking van de stad kennen, zoals de man die sinds hij zijn vrouw en acht kinderen verloor, dag en nacht op een dak fluit zit te spelen. Maar de meeste aandacht is er voor Jiyan, die alleen met haar neefje Sherco, een twaalfjarige wees, is achtergebleven. Sherco is om die reden vastberaden met zijn nichtje te trouwen. Jiyan, een populaire meisjesnaam in Koerdistan die 'leven' betekent, herstelt slechts langzaam van de traumatische gebeurtenissen.Jiyan koppelt het urgente onderwerp aan een pleidooi om de kwestie Koerdistan in al haar facetten serieus te nemen. Sommige acteurs zijn afkomstig uit de gebombardeerde dorpen en spelen in de film zichzelf. De film is mede tot stand gekomen met steun van het Hubert Bals Fonds.

Internationale titel
Life
Filmmaker
Jano Rosebiani
Première
Wereldpremiere
Productieland(en)
Irak
Productiejaar
2002
Medium/Formaat
35mm
Lengte
94’
Taal
Koerdisch
Producent
Evini Films, Jano Rosebiani
Sales
Evini Films
Scenario
Jano Rosebiani
Editor
Jano Rosebiani