Jang Sun-Woo, die twee jaar geleden in Rotterdam met een retrospectief werd geëerd, geldt inmiddels als de belangrijkste filmer van de Koreaanse Nieuwe Cinema. Nadat hij bij het draaien van zijn documentaire Cinema on the Road in contact kwam met een aantal straatkinderen, kreeg hij er genoeg van om altijd maar 'goede films' te maken en besloot dat het tijd werd voor een 'slechte film'. Het resultaat is verbijsterend: een caleidoscoop van zelfdestructie, drugsgebruik, kleine misdaad, seks, prostitutie en verloren levens, dan weer documentair gedraaid, met beelden van dronkelappen op straat, dan weer uitgespeeld in scènes waaraan de losgeslagen jeugd zelf meeschreef, afwisselend opgenomen op 35mm en 16mm en deels op Digital-8. Door dit alles heen schijnt de liefde van Jang voor zijn onderwerp en zijn onwil om de randgroepen te veroordelen.Het tweedelige verhaal beschrijft het leven van de dakloze tieners en bedelaars die in de buurt van het Centraal Station van Seoul rondhangen. De personages, tienerrockers die mensen beroven en wier rebellerende houding tegenover de oudere generatie maakt dat ze hun lichaam verkopen, worden gekenmerkt door zowel humor als cynisme. De bedelaars rebelleren tegen de sleur van het leven en de consumptiemaatschappij. Ze hebben huis en haard verlaten om op straat te sterven. Door de pseudo-documentaire vorm stelt de film vragen bij de grenzen tussen feit en fictie.

Originele titel
Na pun young hwa
Filmmaker
Jang Sun-Woo
Première
-
Productieland(en)
Zuid-Korea
Productiejaar
1997
Medium/Formaat
35mm
Lengte
138’
Taal
Producent
Miracin Korea Film
Sales
Miracin Korea Film
Scenario
Jang Sun-Woo